Erfelijkheid en DNA-onderzoek naar ALS

8 juni 2026 5 augustus 2026

Samenvatting van het artikel

  • Op gebied van erfelijkheid en ALS bestaan er grofweg twee vormen: familiaire ALS (meestal wel erfelijk) en sporadische ALS (in de meeste gevallen niet erfelijk).
  • De klachten en verschijnselen zijn bij beide vormen vergelijkbaar.
  • Over het algemeen komt sporadische ALS het meest voor – 90% tegenover 10% familiaire ALS.
  • Mensen met ALS en hun naasten kunnen DNA-onderzoek laten doen. Belangrijk is om uzelf hier goed over te laten informeren door uw neuroloog en/of klinisch geneticus.
  • DNA afwijkingen spelen ook een belangrijke rol in wetenschappelijk onderzoek.

Kijkend naar erfelijkheid en ALS zijn er grofweg twee vormen: de familiaire vorm en de sporadische vorm. Familiaire ALS is meestal wel erfelijk, sporadische ALS is dat in de meeste gevallen (circa 90%) niet.

Klachten en ziekteverschijnselen zijn bij beide vormen vergelijkbaar. De beste manier om onderscheid te maken, is het in kaart brengen van de familiegeschiedenis (stamboomonderzoek). Hierbij wordt nagegaan of er familieleden zijn met de diagnose ALS of FTD (frontotemporale dementie) of dat er familieleden zijn met progressieve spierzwakte.

  • ALS in een familiaire vorm komt bij minder dan 10% van de mensen met ALS voor. Men spreekt van familiaire ALS als twee of meer mensen in de familie ALS hebben.
  • Ongeveer 90% van de mensen met ALS heeft een zogenaamde sporadische vorm. Hierbij zijn er geen familieleden met de diagnose ALS.

DNA-onderzoek bij ALS

Familiaire ALS wordt veroorzaakt door een afwijking in één of meer ALS-genen. Op dit moment kan bij meer dan de helft (ongeveer 60%) van de mensen met familiaire ALS een afwijking in één van de nu bekende ALS-genen worden aangetoond. Voor de andere 40% van mensen met familiaire ALS is nog onbekend welke DNA-afwijking in welk gen ALS veroorzaakt. Dankzij wetenschappelijk onderzoek worden nog steeds nieuwe ALS-genen gevonden.

We leren steeds meer. Zo blijkt ook bij zo’n 10% van de mensen met sporadische ALS een DNA-afwijking aantoonbaar te zijn. Het gaat hierbij meestal om het C9orf72-gen.

Op de volgende ALS-genen wordt momenteel getest bij een DNA-onderzoek: ALS2, ANXA11, AR, ARPP21, BSCL2, CHCHD10, CHMP2B, DCTN1, FUS, GRN, HNRNPA1, HNRNPA2B1, KIF5A, MATR3, NEK1, OPTN, PFN1, SETX, SIGMAR1, SLC52A2, SLC52A3, SOD1, SPG11, SPTLC2, SQSTM1, TARDBP, TBK1, TUBA4A, UBQLN2, VAPB, VCP, VRK1.

DNA-onderzoek herhalen

Met de tijd neemt onze kennis over erfelijkheid en DNA-onderzoek toe. Ook worden de technieken om DNA te onderzoeken steeds beter. Hierdoor kunnen steeds meer genen worden onderzocht die betrokken zijn bij het ontstaan van ALS. Wanneer eerder geen erfelijke oorzaak is gevonden, kan het daarom zinvol zijn om het DNA-onderzoek na enkele jaren te herhalen. Soms wordt deze vraag niet gesteld door de persoon die ALS heeft (gehad), maar door een familielid, bijvoorbeeld een broer, zus of kind. Als er nog DNA van het familielid met ALS is opgeslagen, kan mogelijk opnieuw DNA-onderzoek worden uitgevoerd op dit materiaal. De kosten hiervan vallen onder de zorgverzekering van het familielid dat om het onderzoek vraagt. DNA-onderzoek wordt niet automatisch herhaald. Als een patiënt of familielid vragen heeft over de mogelijkheden, kan contact worden opgenomen met de afdeling.

Overerving van familiaire ALS

Bij erfelijke ALS is er bijna altijd autosomaal dominante overerving; hierbij heeft één van de ouders een afwijking in een ALS-gen. Ieder kind heeft dan 50% kans om de DNA-afwijking te hebben geërfd. Als de afwijking in het ALS-gen aanwezig is, is er een verhoogde kans om ALS te krijgen.

Bij familiaire ALS is bijna altijd sprake van een autosomaal dominante overerving.

Er zijn nog twee andere vormen van overerving bij ALS: autosomaal recessief en geslachtsgebonden (X-gebonden). Deze vormen komen weinig voor. Meer informatie vindt u op deze webpagina van het Erfocentrum over ALS.

DNA-diagnostiek voor patiënten

Mensen met ALS die DNA-onderzoek willen laten doen, kunnen een afspraak maken bij hun neuroloog. Voor uitgebreide informatie over erfelijkheid en ALS en om te bespreken of een DNA test gewenst is, kan men een afspraak maken bij de afdeling Genetica van het UMC Utrecht.

Bij familiaire ALS kunnen het C9orf72 en de meeste andere bekende ALS-genen worden onderzocht. Tot voor kort werd DNA-onderzoek niet gedaan bij mensen met sporadische ALS. Resultaten van nieuwe studies zijn aanleiding om dit te veranderen. Wetenschappelijk onderzoek laat namelijk zien dat ook 8% van de mensen met sporadische ALS een belangrijke DNA-verandering in het C9orf72-gen heeft. Het is onzeker of deze genafwijking de ziekte direct veroorzaakt, maar wel duidelijk dat die een grote rol speelt.

Voor DNA-diagnostiek wordt bloed afgenomen. In het laboratorium wordt het DNA uit het bloed onderzocht op de aanwezigheid van veranderingen in ALS-genen. Het duurt ongeveer 2 tot 4 maanden voordat u de uitslag krijgt. Deze uitslag krijgt u via uw neuroloog.

DNA-diagnostiek bij familieleden

DNA-onderzoek bij familieleden kan uitgevoerd worden als een duidelijke erfelijke oorzaak bij een aangedane familielid is gevonden. Dit heet voorspellend onderzoek. De afweging om voorspellend onderzoek te laten verrichten is voor familielieden vaak complex. Bij familiaire ALS met een erfelijke oorzaak kan een kinderwens een belangrijke reden zijn voor DNA-onderzoek, vanwege mogelijkheden zoals embryoselectie (PGT). Familieleden kunnen voor erfelijkheidsadvisering en onderzoek een afspraak maken bij de afdeling Genetica.

In sommige situaties is DNAonderzoek niet uitgevoerd en niet meer mogelijk bij een aangedaan familielid. DNA-onderzoek bij gezonde familieleden is in deze situatie niet standaard. Familieleden die toch vragen hebben over erfelijkheid en DNA-onderzoek, kunnen een afspraak maken bij de afdeling Genetica.

Achtergrond informatie: DNA en genen

DNA is het erfelijk materiaal dat in iedere cel van ons lichaam zit. Ons DNA bevat de code waarin al onze erfelijke eigenschappen zijn vastgelegd: hoe we eruitzien, maar ook de aanleg voor sommige ziektes. Een mens heeft zo’n 20.000 genen. Als in één van deze genen een afwijking (mutatie) zit, kan dit leiden tot een erfelijke aandoening. Er zijn inmiddels meer dan twintig ALS-genen bekend: een afwijking (mutatie) op zo’n gen geeft een verhoogd risico op ALS.

Informatiebrief

Onderstaande informatiebrief geeft informatie over DNA-onderzoek bij ALS en beantwoordt belangrijke vragen wanneer u eventueel DNA-onderzoek wilt laten doen.

Informatiebrief genetische diagnostiek bij ALS

lab-4

Deelnemen aan wetenschappelijk onderzoek

Wilt u deelnemen aan een van de onderzoeken in het ALS Centrum of wilt u een overzicht van alle (lopende) wetenschappelijke onderzoeken? Klik hieronder om naar de overzichtspagina te gaan.

Aanmelden

Heeft u feedback op dit artikel? Laat het ons weten!

Dit veld is bedoeld voor validatiedoeleinden en moet niet worden gewijzigd.