Testen op veranderingen in denken en gedrag

2 oktober 2023
Denken en gedrag
Geschreven door:
nienke-de-goeijen
Nienke de Goeijen
Verpleegkundig specialist

Samenvatting van het artikel

  • Er kan sprake zijn van veranderingen in denken en gedrag bij mensen met ALS, PSMA of PLS. Het vaststellen van deze veranderingen is noodzakelijk om goede begeleiding te kunnen bieden.
  • Eventuele veranderingen worden onderzocht met behulp van een neuropsychologische screening. De uitkomsten van de screening kunnen aanleiding geven tot uitgebreider neurospychologisch onderzoek (NPO).
  • Een psycholoog geeft voorlichting over de aard van de veranderingen in denken en gedrag en de gevolgen hiervan op het dagelijks handelen en geeft advies over de begeleiding.

Het is belangrijk om te beoordelen of er bij ALS, PSMA en PLS sprake is van veranderingen in denken en gedrag en wat de oorzaak van de veranderingen is.

Naasten signaleren vaak al veranderingen en/of ervaren problemen voordat de diagnose ALS, PSMA en PLS gesteld wordt. Mensen met ALS kunnen een andere kijk hebben op de klachten of deze niet herkennen. Als duidelijk wordt dat de problemen het gevolg zijn van de ALS, PSMA en PLS geeft dit herkenning en begrip.

Belang van testen

Het vaststellen van de veranderingen is nodig om de zorg en begeleiding aan te passen aan de veranderingen. Bij lichte veranderingen in het denken of cognitie kan het wenselijk zijn om bijvoorbeeld informatie aan te passen. Bij ernstige veranderingen in zowel denken als gedrag is intensieve begeleiding door de klinisch (neuro)psycholoog van het ALS-behandelteam nodig.

Of er veranderingen in denken en gedrag zijn, wordt allereerst onderzocht door een neuropsychologische screening. De uitkomsten van deze screening kunnen aanleiding geven tot uitgebreider neuropsychologisch onderzoek, ook wel een NPO genoemd. In een NPO wordt onderzocht wat de ernst en de oorzaak van de problemen in denken en gedrag zijn en of deze passen bij ALS, PSMA of PLS of dat er een andere oorzaak is.

Diagnosedag

Tijdens de diagnosedag in het ALS Centrum onderzoekt de neuroloog de lichamelijke veranderingen en wordt er door een klinisch (neuro)psycholoog een eerste screening verricht naar veranderingen in denken, stemming en gedrag. De neuroloog beoordeelt deze onderzoeken samen met de klinisch (neuro)psycholoog. Zij kijken ook of er andere oorzaken zijn voor deze veranderingen en of een aanvullend NPO nodig is. De uitslagen van de screening worden opgenomen in de verwijsbrief naar de revalidatiearts van het ALS-behandelteam en naar de huisarts.

ALS-behandelteam

De revalidatiearts bespreekt met de betreffende persoon en naaste(n) het behandelplan en houdt hierbij rekening met de uitslagen van de testen. Als er aanwijzingen zijn voor problemen in denken, gedrag of emoties bespreekt de revalidatiearts een afspraak met de psycholoog in het team, ook als er enkel lichte neuropsychologische problemen in het denken en gedrag zijn.

Psycholoog in het ALS-behandelteam

De psycholoog geeft voorlichting over de aard van de veranderingen in denken en gedrag en de gevolgen hiervan op het dagelijks handelen en geeft advies over de begeleiding. Als er bijvoorbeeld veranderingen in het denken zijn, kan de psycholoog adviezen geven over het aansluiten bij de functies in het denken die sterk en intact zijn.

De veranderingen kunnen toenemen in het verloop van de ziekte. De psycholoog zal dan met de patiënt en zijn naaste(n) bespreken of het nodig is uitgebreider neuropsychologisch onderzoek te verrichten. Op die manier kan het ALS-behandelteam adviezen geven die aansluiten bij de aard en ernst van de veranderingen.

Heeft u feedback op dit artikel? Laat het ons weten!

Dit veld is bedoeld voor validatiedoeleinden en moet niet worden gewijzigd.